Informatie over:
Open Water; buitenduik 3 en 4
Dag 5, dit kan de maandag zijn maar in overleg ook 1 van de andere 6 dagen van de week :)
09:00
De crew gaat koffie en thee zetten, de deur gaat open en iedereen is welkom.
10:00
vertrek naar Ruinerwold, Tynaarlo of een andere stek voor 2 uitgebreide, superleuke Buitenwater duiken
17:00
terugkomst Dwingeloo met Brevet uitreiking en eventuele BBQ!
Uitvoeringsvereisten duik 3 Aan de oppervlakte: 1. Duik plannen met duikcomputer of RDP. 2. Uitrusting aantrekken en afstellen. 3. Buddycheck uitvoeren. 4. Uitloden. Onder water: 5. Afdalen tot 6-9 meter/20-30 voet met een visuele referentie voor controle. Gebruik de vijfstappenmethode. 6. Neutraal uittrimmen door het trimvest met de mond op te blazen. 7. Een volledig volgelopen masker leegblazen. 8. De duikstek verkennen. 9. Opstijgen, niet sneller dan 18 meter/60 voet per minuut en contact houden met buddy. Gebruik de vijfstappenmethode.
Uitvoeringsvereisten duik 4 Aan de oppervlakte: 1. De duik plannen met duikcomputer of RDP. 2. Uitrusting aantrekken en afstellen. 3. Buddycheck uitvoeren. 4. Uitloden.
Onder water: 5. Zonder visuele referentie afdalen tot maximaal 18 meter/60 voet. Gebruik de vijfstappenmethode. 6. Uittrimmen en daarna zweven, zonder benen of armen te gebruiken. 7. Het masker afzetten, weer opzetten en leegblazen. 8. De duikstek verkennen. 9. Opstijgen, niet sneller dan 18 meter/60 voet per minuut en contact houden met buddy. Gebruik de vijfstappenmethode.
Uitvoeringsvereisten voor de buitenwaterduiken Flexibel in te plannen duikvaardigheden Laat de cursisten tijdens een willekeurige buitenwaterduik het volgende demonstreren:
Aan de oppervlakte: • Kramp verwijderen – Laat bij jezelf en je buddy zien hoe je een gesimuleerde kramp verwijdert. • Slepen van een vermoeide duiker – Sleep voor 25 meter/ yard lang een vermoeide buddy in duikuitrusting. • Met kompas een rechte lijn zwemmen aan de oppervlakte – Snorkel 50 meter/yard in een rechte lijn met het gezicht in het water en gebruik alleen een kompas om de richting te bepalen. • Snorkel en automaat verwisselen – Blaas water uit een snorkel en ga er weer uit ademen zonder de snorkel uit de mond te nemen. Adem afwisselend uit snorkel en ademautomaat zonder het gezicht uit het water te tillen. • Gewichtsysteem en duikset af- en weer omdoen. Doe het gewichtsysteem af en weer om in water dat te diep is om erin te staan. Doe de duikset af en weer om in water dat te diep is om erin te staan. Onder water: • Veiligheidstop – Aan het eind van minstens één normale opstijging (geen noodopstijging), minstens 3 minuten stoppen op 5 meter/15 voet voordat je naar de oppervlakte gaat.
Alleen tijdens duik 2,3 of 4 geven. • Kompasnavigatie – Zwem op kompas een rechte lijn met omkeerkoers. Iedere duiker navigeert heen en terug. • Beheerste zwemmende noodopstijging (CESA) – Voer van een diepte van 6-9 meter/20-30 voet een beheerste zwemmende noodopstijging uit en geef jezelf aan de oppervlakte een positief drijfvermogen.